Jacob Claesse kan trots zijn: sluis hersteld!

De Jacob Claessesluis te Zijpersluis is weer helemaal hersteld. De verdrietige aanblik van de sluis in de laatste jaren is veranderd in een prachtig hersteld monument op de kop van de markante Grote Sloot. Het Hoogheemraadschap heeft een verslag geschreven over al het werk dat in het afgelopen jaar is verricht. De bijgevoegde foto’s komen bij Pronk Bouw vandaan. Hieronder treft u het artikel aan:

Achtergrondinformatie Jacob Claessesluis

Omstreeks 1200 is voor het eerst sprake van sluizen- alleen voor afwatering. In de daarop volgende eeuwen maakte de sluis langzaam maar zeker een ontwikkeling door, zodanig dat ook de scheepvaart er gebruik van kon gaan maken. Na de voor die tijd enorme bedijkingsklus van de Zijpe moest een goed systeem van droogmaken en afwateren opgezet worden. Men zocht het in sloten/vaarten, molens en sluizen. Een heel sluizenstelsel werd opgezet, waaronder in het zuiden van de polder de Jacob Claessesluis.

Philips II verleende toestemming voor de bouw ervan en in 1566 wezen de ingelanden van de Zijpe twee sluiswachters aan, die ook het tolgeld inden. Zijn naam dankt de sluis aan Jacob Claesse (Claesz.), geboren in 1530 te Zaltbommel en overleden in 1587, de stamvader van een bekend Amsterdams regentengeslacht, dat geruime tijd de heerlijkheden Beverwijk, Wijk aan Zee en Wijk aan Duin in bezit had. In 1566 werd Jacob aangewezen als heemraad van de Zijpe en drie jaar later volgde zijn benoeming tot penningmeester.

De Jacob Claessesluis was belangrijk voor de scheepvaart en als middel tot afwatering naar twee zijden, wat tot veel geharrewar heeft geleid. Nogal eens liet namelijk het onderhoud te wensen over en dan werden pogingen ondernomen om het beheer aan het Zijper bestuur te ontfutselen. In 1797 werd de sluis eigendom van Uitwaterende Sluizen.

Rond 1800 gooide het Engelse leger het dicht, waarna vernieuwing en herstel op zich lieten wachten. Moeilijkheden tussen polderbestuur en Hoogheemraadschap waren het gevolg, zo ook in december 1808. De Landdrost van het Departement Amstelland besliste in 1809 dat de sluis blijvend in eigendom, beheer en onderhoud aan het Hoogheemraadschap van de Uitwaterende Sluizen in Kennemerland en West-Friesland was overgegaan. Nog in hetzelfde jaar werd de sluis toen opgeknapt, onder meer verbreed en bij dit herstel werden ook de vleugelmuren toegevoegd. Vol trots werd het wapen aan de noordzijde aangebracht en ook de zuidzijde kreeg gedenktekens. (Bron: L.F. van Loo – Wat een pracht.. Historische Vereniging De Zijpe, 1992, p.26-29).

Op het schilderij een impressie van de eerste tocht van het fregat Bellona door het Noordhollands kanaal (1824). Naïef schilderij van Jannie Kuiper-Wetsteen. Collectie A. Kapitein. Schagen

 

 

Restauratie Jacob Claessesluis

In 2016-2017 stonden de aannemers Pronk Restauratie BV en K_Dekker bouw & infra b.v. voor de schone taak om de sluis in samenwerking met het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier op te knappen.

De vleugelmuren van de Jacob Claessesluis hebben door de jaren heen flink wat te verduren gehad. Met name de vleugelmuur nabij het schotbalkloodsje is zwaar beschadigd geraakt als gevolg van een (deels) bezweken paalfundering.

Sober en doelmatig

Een volledige renovatie van de Jacob Claessesluis was voor het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier budgettair niet realistisch en te verantwoorden. De sluis heeft niet langer een primaire functie als waterkerend of compartimenterend object. Echter, het object heeft een monumentale en een karakteristieke waarde. Daarom is gekozen voor een functionele aanpak, met andere woorden: wat is er voor nodig om het object in stand te houden en de levensduur te verlengen?

Nieuwe fundering

Er zijn nieuwe funderingspalen achter de muren aangebracht en stalen profielen (“vingers”) in de bestaande wand gevoerd. Vervolgens is er een betonnen vloer gestort om hier een geheel van te maken. Het gewicht van de vleugelmuren op de oude funderingspalen wordt daarmee door de ‘tafelconstructie’ overgenomen.

   

Hangschort

Voor vleugelmuur A bleek de optie met “vingers” niet haalbaar. Er zat niets anders op dan de muur tot net onder de waterlijn af te breken en opnieuw op te metselen. Eerst is een nieuwe fundering aangebracht en vervolgens een betonvloer gestort. Met behulp van een frame voorzien van metselwerk (een zogeheten hangschort) was een damwandconstructie om het geheel droog te zetten niet nodig. Daarna is de muur verder opgemetseld zodat het traditionele beeld in ere is hersteld.

Dorpsraad Burgerbrug e.o. bedankt het Hoogheemraadschap, Pronk Bouw en Dekker Bouw en Infra voor het prachtige herstel door middel van deze mooie samenwerking! Hoewel de sluis geen operationele functie meer heeft, is het wel een beeldbepalend monument voor veel bezoekers aan Burgerbrug. Wij zijn blij dat het zo prachtig gerestaureerd is.